algemeenverbindendverklaring van cao-bepalingen — Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 3 juli 2026 tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voor de Handelsvaart
Nr. 12259 9 juli 2026 Handelsvaart 2026 Verbindendverklaring cao-bepalingen MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 3 juli 2026 tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voor de Handelsvaart De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; Gelezen het verzoek van Nautilus International mede namens de overige partij bij bovengenoemde collectieve arbeidsovereenkomst, strekkende tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst; Partij ter ener zijde: Vereniging van Werkgevers in de Handelsvaart (VWH); Partij ter andere zijde: Nautilus International. Naar aanleiding van dit verzoek zijn schriftelijke bedenkingen ingebracht door Stichting Equal Justice Equal Pay. Deze bedenkingen kunnen als volgt worden samengevat: De bedenkingen richten zich tegen artikel 3 lid 2 van de cao, waarin tot uitdrukking is gebracht dat voor werknemers woonachtig in de Filipijnen, Indonesië en Oekraïne eigen afspraken over arbeids- voorwaarden gelden en niet die van de voorliggende cao. Bedenkinghebbende stelt dat algemeenverbindendverklaring (avv) van dit artikellid in strijd is met wet- en regelgeving en internationale verdragen en dat dit de Wet AVV en het Toetsingskader AVV ondermijnt. Strijdigheid met het recht Volgens bedenkinghebbende is het in artikel 3 lid 2 gehanteerde criterium van het woonachtig zijn in de Filipijnen, Indonesië en Oekr...